 |
“Ik ben een rasechte Limburgse”
Ik ben een rasechte Limburger, geboren en getogen. Maar is er wel zoiets als
‘de Limburger’? We hebben allemaal onze eigen identiteit. De Zuid-Limburgers verschillen
van de inwoners ten noorden van het Albertkanaal, in de zanderige Kempen en van hen aan
de Maaskant. Maar ook al zijn we allemaal anders, het gevoel van verbondenheid is bij ons
heel sterk. En daar ben ik als Limburger en Vlaming toch wel trots op. |
 |
 |
 |
“Ik vind het een voorrecht om in Haspengouw te wonen”
Ik vind het een voorrecht om in Haspengouw te wonen, de Provence van Vlaanderen, met
zijn kleine dorpskernen rond pittoreske kerkjes, imposante vierkantshoeves en prachtige
kastelen.
Het is ook de streek met zeer vruchtbare grond waar, in bloesemtijd, de boomgaarden op
zijn mooist zijn. We moeten erover waken dat het geen voorrecht van de beter gegoeden
onder ons wordt om nog in dit prachtig landschap te wonen. De kwaliteit van de woningen
moet verbeteren en zowel jonge als oudere mensen moeten de kans krijgen om in de kleine
dorpskernen te blijven wonen. |
 |
| Velm als thuishaven
Eén van de achttien kleinere dorpen rond de abdijstad Sint-Truiden is Velm, mijn
thuishaven. Hier groeide ik op en liep ik school. Velm is mijn dorp, met zijn dorpscafé
De Smis, de kruidenier, de slager en de bakker die elke dag klaar staan. Hier bloeit het
verenigingsleven weelderig. Velm is voor mij het synoniem voor thuis, omringd door familie
en vrienden.
|
 |
Sinds 1976 behoor ik ook tot het aparte ras van de Truienaars. Toen werden de kleinere
dorpen rondom samengevoegd met deze abdijstad. Dit verliep niet zonder slag of stoot,
want de dorpeling verkocht zich niet zo makkelijk aan de stad.
Maar met ’s lands tweede grootste marktplein, haar gezellige cafeetjes, haar fruit en haar
trouwe voetbalsupporters (STVV)… is Sint-Truiden een stad om ‘U’ tegen te zeggen. Ik ben
fier op Sint-Truiden. Noem me chauvenistisch, maar ik hou van mijn stad. |
| |
|
|
| << Terug naar Veerle in Beeld |
|
| |
|
|